Benicassim, dinsdag 17 februari
Ja, trouwe volgers, ik sloeg een dagje over. Er viel niet veel te rapporteren. Maar ook hadden we een weinig actieve dag, omdat mijn weinig devote beschrijving van de aan het klooster gewijde schitterende helletocht van maandag, door een hogere entiteit bestraft werd met ongenadige spierpijn. Waarschijnlijk op voorspraak van de verongelijkte Karmelieten.
Dus beperkten we ons tot een bezoek aan de Spaanse equivalent van de Bijenkorf: El Corte Inglés in Castellón. Spectaculair, verdieping na verdieping. Tussen de middag aten we bij La Sirena een bocadillo met een garnalenomelet. Zo lekker, die ga ik thuis ook maken, neem ik mij voor. ‘s Avonds een ferme gegrilde kippenpoot, met gebakken aardappelen in olijfolie en daarbij snijbonen met Spaanse gedroogde ham. We hadden dit lekkers kant en klaar meegenomen uit de El Corte en hoefden het alleen maar op te warmen. Nodeloos erbij te vermelden dat we dit buiten in de zon konden doen. En zo ging weer een zomerse dag voorbij. Ik zei het al, weinig te melden.

Benicassim, woensdag 18 februari
Best een koude nacht, 11 graden. maar als we rond half tien op onze huurfietsen stappen is het al bijna 16 graden. Een trui volstaat. We rijden de Via verde del Mar, de voormalige spoorlijn van Benicàssim naar Orpesa. Dat denkt iedereen, maar feitelijk is het gewoon een 5,65km lange sectie van de lijn tussen Valencia en Barcelona. Zocht ik op. De spoorlijn had een algemene functie: zowel personenvervoer als vracht. Daar kwam steeds grotere behoefte aan, maar er was geen ruimte voor verbreding, dus werd een paar honderd meter verderop nieuw dubbelspoor aangelegd en kon de oude een recreatieve functie krijgen.





Om bij het startpunt te komen, fietsen wij eerst bijna 5km langs de boulevard en door woonwijken. Waar het dorp zo’n beetje tegen de berg opdroogt, moet je onder een viaduct door, waarbovenop de oude spoorlijn liep. Om onbekende reden loopt de via verde hier echter aan de voet van het viaduct en we moeten dus eerste een flinke klim overwinnen om weer op hoogte te komen. Maar dan krijg je ook wat. Het is een van de mooiste via verde’s die we ooit reden. Een fraai en breed gemengd traject (fietsen-wandelen) dat tussen heel gevarieerd begroeide berghellingen en een zee met rotsige baaien loopt. Onderweg passeer je een paar ruïnes van wachttorens (17e eeuw), een oud stalen viaduct en twee tunnels. De langste is daarvan 570 meter en voorzien van verlichting die automatisch aan gaat als je erin rijdt. Eens. Hij doet het vandaag maar een meter of tweehonderd. Donker stukje dus en oppassen geblazen. Want her en der zijn rotsblokken uit de wand gekomen en zijn wandelaars en fietsers tot nabijheid gedwongen. Op onze fietsen zitten gelukkig koplampen en heel wat wandelaars gebruiken het lichtje van hun smartphone om hun weg te vinden. Niettemin is de tunnel lang genoeg om ons met de ogen te doen knijpen als we weer de zon inrijden. Dankzij de rijke vegetatie en de verrassende panorama’s is het een fietstocht die je lekker op je dooie akkertje op een gewone fiets met gemak kunt doen. Onbegrijpelijk dat er dus mensen zijn die met achterlijk zware elektrische mountainbikes voorbij komen scheuren.


Op de terugreis komen we erachter dat het dijklichaam dwars door Benicàssim loopt, allemaal als vrijliggend fietspad, helemaal tot voorbij onze camping. Almeerse fietspadkwaliteit hier! We hadden de fietsen gehuurd bij Ujibike, een topverhuurder met een Nederlandse (Friese) medewerker die ons bovengemiddelde service verleende. Je huurt hier een fiets, die op de camping gestald staat. Dat is gemakkelijk! Het kan zelfs helemaal online, maar omdat wij ook helmen wilden, had ik die een dag eerder al opgehaald.
Eribisten
Onze camping staat natuurlijk weer vol met lompe campers, ik denk dat er niet meer dan vijf caravans tussen staan. Maar een daarvan is wel een Eriba Touring 550 (wij hebben een 530). Het is natuurlijk een buitenkans om met andere Eribisten (Iberisten volgens Robert) ervaringen uit te wisselen, dus we aten samen een heel traditionele paella in het campingrestaurant. Leuke mensen, Ron en Elly, Amsterdammers die ‘op’ Tholen terecht gekomen zijn. De tijd vliegt in goed gezelschap.
Morgen weer een reisdag. We gaan bijna 200km het binnenland in naar een van de mooiste dorpjes van heel het land op zo’n 1.200 meter hoogte.

0 Comments