Reisdag: Wenen, dinsdag 5 mei

Wat een heerlijke ochtend. De zon schijnt, de vogels fluiten en we hebben alle tijd. Gisteren weinig voorbereid, want het was lui warm weer, om 22.18 nog bijna 20 graden. Dus vanochtend maken we alles reisklaar en rijden naar de entree. Daar wacht de vriendelijke Helmuth met de rekening. Ja, het is een dure camping, maar je krijgt er wel een fenomenale plek voor tussen uiterst vriendelijke en gastvrije mensen.

We moeten nu eerst vanaf het laag gelegen Donau-stroomgebied naar de snelweg komen en dat blijkt een hele toer. Er zijn nogal wat wegen afgesloten en de toch al niet zo goede navigatie van onze Hyundai weet er geen raad mee. Uiteindelijk zet ik dat ding maar af en volgen we gewoon, ouderwets, de verkeersborden.

Onderweg

Diverse malen vragen we ons af waarvoor we eigenlijk tol moeten betalen als de wegen zo slecht zijn, want; dat zijn ze. Veelvuldige gerepareerd of dermate verzakt dat je denkt dat je over een wasbordje rijdt. We volgen het Donaudal oostelijk tot we tussen heuvels, bijna bergen, komen te rijden. De Oostenrijkse Alpen liggen aan onze rechterhand, de heuvels van natuurpark Jauerling Wachau links. Dit is Oostenrijks land, een oneindig reliëf van heuvels en dalen, met bossen, waartussen kleine weiden, die onderling ook weer door lange houtwallen zijn gescheiden. Het schept een diep panoramisch perspectief en is een lust voor het oog. Op veel plaatsen lijkt rook in de lucht te hangen, maar – zo horen we op de radio – er is een pollenplaag, want door de droogte raken de bomen in de stress en laten ze extra veel stuifmeel verwaaien. 

Vanuit de uitlopers van de Alpen rijden we met een lange bocht op Wenen af. Voor ons spreidt zich een heiig panorama van een enorm grote stad uit, met hoogbouw, industrie en gebouwen dicht op elkaar gepakt. Het verkeer is druk, drie rijbanen, dan zes, dan vier en twee uitvoegstroken, chaos. Wat een verschrikking zeg. De grote wegen gaan dwars door de stad, verhoogd op lange viaducten, tussen moderne kantoren, oude gevels en wolkenkrabbers door en over stadsstraten, spoorlijnen en slingerende waterpartijen.

De route naar Naturistenpark Lobau zigzagt door suburbane wijkjes en landbouwveldjes. Vanaf een stoffige eenbaansweg die je ook in de Camargue had kunnen vinden rijden we het grote terrein op. Het is echt een vakantiepark voor vaste staanplaatsen, maar daar kom je als gast niet terecht. Voor bezoekers zijn er een stuk of tien plaatsen, met uitzicht op een klein bosje en een enorme groene weide, die ook tot het terrein behoort. We staan hier volop in de zon, maar in de windluwte van het bosje pal voor ons, waardoor we van de harde wind nauwelijks last hebben.

Toevallige Eribistenontmoeting

Wenen, woensdag 6 mei

Van de wind vannacht helemaal geen last gehad en de heerlijke ochtend nodigt uit tot een vrije loop naar het sanitairgebouw. Dat is nog eens genadig wakker worden.

We gaan vandaag een eerste verkenning doen door naar het beroemde Hundertwasserhaus te fietsen. Daarvoor moeten we vijf waterwegen oversteken. De eerste twee zijn oude stromingen van de Donau, daarna steken we de bovenste Donau over en komen op het langgerekte Donau-insel dat van punt tot punt helemaal is ingericht voor recreatie. We rijden maar een klein stukje over het groene lint en gaan dan via een fietsspiraal omhoog om ook de onderste Donau over te steken.

Nu zijn we in het Prater, het voormalige jachtgebied van de keizer. Immens lange lanen, bochtige bospaden en overal groene weiden en sierlijke bouwsels. Als we ook over het Donaukanaal zijn gegaan zitten we in het stedelijke gebied. Tja, aan al dat groen moest een keer een eind komen. Het verkeer raast door de straten, woongebouwen zijn minstens zes hoog en overal staan auto’s geparkeerd. Het architecturale wonder van Hundertwasser is gemakkelijk te vinden. Je ziet eerst hordes toeristen en daarna pas dat er een heel bijzonder woongebouw staat. Dit stukje woonstraat is volkomen vercommercialiseerd en door op selfies beluste vermaakzoekers verpest. Bij elke blik op het betoverende bouwwerk, krijg je er tien dom in een smartphone grijnzende egotrippers bij. Tegenover het huis is een gebouw ingericht in dezelfde stijl, het is een mini-winkelcentrum van snoep- en souvenirwinkeltjes en wat restaurantjes. Hilarisch van kitscherigheid. Toch lukt het ons de tijd en rust te vinden om even helemaal te genieten van het bizar kunstzinnige werk van Hundertwasser.

Op de terugweg eten we een bratwurst op de Donau-oever, waarbij we constant moeten opletten dat die niet van ons bord waait. Daarna terug naar Lobau. Het is warm en het waait, dus we willen afkoelen, Het park heeft ook een tweede deel, met daarin een bucht (baai). We steken het grote veld over en komen op een bospad. Langs het pad staan bankjes in de schaduw. Door het lover zien we links landbouwgrond en rechts een ander pad, maar wij lopen nog steeds op het park. Het pad eindigt bij een hek, maar we hebben een sleutel in bruikleen. We steken een openbaar een wandel- en ruiterpad over, stappen weer door een hekje en hopla, je bent in het paradijs. Beter kan ik het niet omschrijven. Het is een romantisch door bomen en struiken omringd spiegelend water, waar de Oberes Mühlwasser en de Mühlwasser samenvloeien in een soort driehoekig basin. We zien verschillende vissen in het helder water, van klein tot groot, erboven zweven libellen en allerlei zoembeestjes. Het wateroppervlak wordt gebroken door schaatsenrijders en hele kleine visjes die er schik in lijken te hebben allemaal hun eigen kring te maken. De wind ruist, vogels zingen en zo nu en dan breekt ineens een kwaakconcert van kikkers uit. Met een paar reusachtige platte natuurstenen maakten ze een trapje het water in. Er is een stalen leuning, waaraan een thermometer hangt. Het water biedt met 22 graden de perfecte verfrissing en daarna zitten we een tijd op twee stoeltjes om te genieten van de absolute rust die hier heerst. Wat een plek.

2 Reacties

  • Hundertwasserhaus? Nooit van gehoord. Maar zo te zien een bijzonderheid.
    Het paradoxale is dat wij zelf ook toeristen zijn maar zo niet gezien worden. De grens is ‘een selfie maken’. Dan hoor je bij de anderen.
    Maar dan eindigen in het basin van de Mühlwasser. Het Paradijs bestaat echt. Zo heeft de Here God het bedoeld.

    • Hundertwasser maakte meer fabelachtige ontwerpen. Moeite van het opzoeken waard. Maar in zo’n woonhuis wil je eigenlijk niet wonen met al dat volk voor d deur.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *