We zijn niet ver gekomen vandaag, nét boven Tilburg. Als we het terrein op rijden zien we een onmiskenbaar stereotype boerke naast een grote schuur met iemand babbelen. Handen in de zakken. Twinkelende vrolijke ogen. Een stoppelbaard. Bodywarmer. Het erf staat vol met gebouwen, in een schijbaar willekeurige, onbegrijpelijke ruimtelijke ordening. Uit een schuur steekt het zwarte koppie van een pink nieuwsgierig door de opengeschoven staldeur. Boerencamping dus. Als we onze eigen autodeuren openen wordt ons de daarbij horende mestlucht als een doordrenkte dweil in het gezicht gesmeten. Benieuwd tot hoevér in Frankrijk ons dit Brabantse landleven blijft vergezellen.
‘Ik ruik het niet’, zegt hij onbekommerd en laat ons het (verwarmde) toiletgebouwtje zien. We rekenen meteen af (20 euro) en steken onze caravan achteruit tussen twee langkampeerders op een hol veldje met harde modderplakken tussen het karige gras.
Leuk gevonden, dit plekje, je bent er ook écht helemaal uit, simpelweg omdat je hier eigenlijk niet wil zijn. We zijn niet veeleisend, maar dit is wel wat onder de maat.
Daarentegen….niet meer dan een kwartiertje van de familie vandaan. Onze dochter bereidde een uitmuntende mossel-pasta, die we in gezelschap van het hele gezinnetje nuttigen. Heerlijk in alle opzichten. ‘s Avonds in het donker scharrelen we over landweggetjes terug naar onze ‘camping’. In de caravan is het snel behaaglijk en knus.

0 Comments